Brabantse Omgevingsverordening

Naast één omgevingsvisie moet de provincie vanuit de Omgevingswet ook één omgevingsverordening vaststellen voor haar grondgebied. In de omgevingsvisie staat wat de provincie wil bereiken en wat ze wil doen om dat te bereiken. Soms vraagt dat om een nadere uitwerking van beleid en maatregelen in een (beleids)programma, soms zijn er regels nodig om de ambities te realiseren. Denk bijvoorbeeld aan het beschermen van belangrijke waarden als het drinkwater of de natuurgebieden.

Regels in de omgevingsverordening

Als er regels nodig zijn dan worden die opgenomen in de omgevingsverordening. Een verordening is een wet die regels bevat waaraan anderen zich moeten houden. Daarom stellen Provinciale Staten de verordening vast.  

Net zoals de Omgevingswet een groot aantal wetten vervangt, zo vervangt de Brabantse omgevingsverordening een aantal provinciale verordeningen.  

De omgevingsverordening vervangt onder andere de:  

  • Provinciale milieuverordening 
  • Verordening natuurbescherming 
  • Verordening Ontgrondingen 
  • Verordening ruimte 
  • Verordening water  
  • Verordening wegen 

Voor wie geldt dit?

In de omgevingsverordening staan regels voor:

  • Burgers en bedrijven: dit zijn zogenaamde algemene regels voor activiteiten. Deze algemene regels geven bijvoorbeeld ook aan of er een vergunning nodig is. Als er een vergunning nodig is voor een activiteit dan staan in de omgevingsverordening ook de regels onder welke voorwaarden de vergunning verleend kan worden.
  • Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het omgevingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. In de verordening kunnen ook instructieregels staan over de uitoefening van taken door Gedeputeerde Staten.

Samenhang

De omgevingsvisie, de programma’s en de omgevingsverordening horen bij elkaar. De verordening helpt bij het realiseren van de opgaven en doelen die in de visie en programma’s zijn opgenomen. Daarom stelt de provincie eerst de omgevingsvisie op. Daarna volgen een uitwerking van beleid en maatregelen in de programma’s en de omgevingsverordening.

Interim omgevingsverordening

Om straks als de Omgevingswet in werking treedt echt klaar te zijn, maakt de provincie eerst een Interim omgevingsverordening. Deze Interim omgevingsverordening voegt de bestaande regels over de fysieke leefomgeving zoveel mogelijk samen in één verordening en is beleidsneutraal. Alleen aanpassingen die nodig zijn vanwege de samenvoeging of vanwege al vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie, worden meegenomen. Doordat de Omgevingswet volgens huidige planning pas in 2021 in werking treedt, kan er nog geen invulling worden gegeven aan deze wet. 

Het ontwerp van de Interim omgevingsverordening is in april vastgesteld en ligt vanaf 24 mei 2019 ter inzage. Het streven is dat Provinciale Staten de Interim omgevingsverordening in oktober 2019 door vaststellen.

2020

Voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt de definitieve omgevingsverordening vastgesteld. Daarin worden zowel aanpassingen vanwege de Omgevingswet meegenomen, als ook beleidswijzigingen gebaseerd op programma’s. Uitgaande van de huidige planning van de Omgevingswet wordt de definitieve omgevingsverordening in november 2020 vastgesteld.

 

De omgevingsverordening is een van de instrumenten van de omgevingswet die de provincie heeft. De ander zijn de omgevingsvisie, de programma’s, de omgevingsvergunning en het projectbesluit.